Delen

Delen is in weze de omgekeerde bewerking van vermenigvuldigen. De grote uitzondering hier op is delen door 0 niet mogelijk is. Delen is een van de moeilijkste basisbewerkingen, omdat er minder hulpmiddelen zijn om tot de uitkomst te komen.

In weze moet men het deeltal (het getal dat men gaat delen) blijven verminderen met de deler (het getal waardoor men wil delen), tot men op 0 uitkomt. De uitkomst van de deling is dan het aantal keer men het deeltal heeft verminderd met de deler. Dit noemen we dan het quotient.

voorbeeld;
24 : 6
-> 24 - 6 - 6 - 6 - 6 = 0
-> men heeft 4 keer - 6 gedaan, dus het quotient is 4

Een deling op deze manier uitrekenen is echter niet wenselijk, want hoe groter de getallen, hoe meer kans dat je onderweg ergens de tel kwijt raakt. Probeer 1 miljoen maar eens te delen door 2. Dat zou betekenen dat je 500.000 keer zou moeten tellen.

Bij delen gaat men de deeltafels gebruiken. Dit zijn in weze de omgekeerde maaltafels. Deze bevatten de oplossingen van de oefeningen waarbij deler en quotient kleiner of gelijk zijn aan 10.

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
0 : 1 = 0 0 : 2 = 0 0 : 3 = 0 0 : 4 = 0 0 : 5 = 0 0 : 6 = 0 0 : 7 = 0 0 : 8 = 0 0 : 9 = 0 0 : 10 = 0
1 : 1 = 1 2 : 2 = 1 3 : 3 = 1 4 : 4 = 1 5 : 5 = 1 6 : 6 = 1 7 : 7 = 1 8 : 8 = 1 9 : 9 = 1 10 : 10 = 1
2 : 1 = 2 4 : 2 = 2 6 : 3 = 2 8 : 4 = 2 10 : 5 = 2 12 : 6 = 2 14 : 7 = 2 16 : 8 = 2 18 : 9 = 2 20 : 10 = 2
3 : 1 = 3 6 : 2 = 3 9 : 3 = 3 12 : 4 = 3 15 : 5 = 3 18 : 6 = 3 21 : 7 = 3 24 : 8 = 3 27 : 9 = 3 30 : 10 = 3
4 : 1 = 4 8 : 2 = 4 12 : 3 = 4 16 : 4 = 4 20 : 5 = 4 24 : 6 = 4 28 : 7 = 4 32 : 8 = 4 36 : 9 = 4 40 : 10 = 4
5 : 1 = 5 10 : 2 = 5 15 : 3 = 5 20 : 4 = 5 25 : 5 = 5 30 : 6 = 5 35 : 7 = 5 40 : 8 = 5 45 : 9 = 5 50 : 10 = 5
6 : 1 = 6 12 : 2 = 6 18 : 3 = 6 24 : 4 = 6 30 : 5 = 6 36 : 6 = 6 42 : 7 = 6 48 : 8 = 6 54 : 9 = 6 60 : 10 = 6
7 : 1 = 7 14 : 2 = 7 21 : 3 = 7 28 : 4 = 7 35 : 5 = 7 42 : 6 = 7 49 : 7 = 7 56 : 8 = 7 63 : 9 = 7 70 : 10 = 7
8 : 1 = 8 16 : 2 = 8 24 : 3 = 8 32 : 4 = 8 40 : 5 = 8 48 : 6 = 8 56 : 7 = 8 64 : 8 = 8 72 : 9 = 8 80 : 10 = 8
9 : 1 = 9 18 : 2 = 9 27 : 3 = 9 36 : 4 = 9 45 : 5 = 9 54 : 6 = 9 63 : 7 = 9 72 : 8 = 9 81 : 9 = 9 90 : 10 = 9
10 : 1 = 10 20 : 2 = 10 30 : 3 = 10 40 : 4 = 10 50 : 5 = 10 60 : 6 = 10 70 : 7 = 10 80 : 8 = 10 90 : 9 = 10 100 : 10 = 10

Grotere getallen gaan we dan proberen te herleiden tot deze deeltafels. 720 : 9 is hetzelfde als (72 : 9) x 10, ofwel 80. Ons eerdere voorbeeld van 1.000.000 : 2 kunnen we herleiden tot (10 : 2) x 100.000.

Indien een delen geen geheel getal als quotient geeft, dan krijgt men een restwaarde. 10 : 3 = 3 rest 1.